Vertrouwen geven en vertrouwen ontvangen
Vertrouwen leren geven en ontvangen in balans betekent enerzijds persoonlijke groei maar heeft ook direct betekenis binnen teams, organisaties en voor leidinggevenden. Wanneer er onbalans is tussen geven en ontvangen, kan vertrouwen omslaan in controleren, redden, claimen of juist iemand aan zijn lot overlaten. Vertrouwen gaat over ruimte geven, verantwoordelijkheid laten waar die hoort en beschikbaar blijven zonder alles van de ander over te nemen.
Wat betekent vertrouwen?
Vertrouwen heeft vooral te maken met ‘bekend zijn met’. Wanneer een kind merkt dat het kan fietsen, ontstaat er vertrouwen dat het niet valt. Wanneer we kunnen autorijden en bekend zijn met het verkeer, voelen we ons veiliger. We hebben er vertrouwen in.
In sommige landen zijn mensen zelfs vertrouwd geraakt met granaten. Vertrouwen is dus vooral: bekend zijn met. En wanneer we ergens bekend mee zijn, kan er een gevoel van veiligheid ontstaan. Toch is bekendheid alleen nog geen vertrouwen. Je kunt ergens vertrouwd mee zijn terwijl het nog steeds gevaarlijk of onbetrouwbaar is. Vertrouwen betekent ook dat je verwacht dat iemand betrouwbaar handelt, afspraken serieus neemt en verantwoordelijkheid kan dragen. Je durft ruimte te geven zonder dat je volledige zekerheid hebt over de uitkomst. Daar zit altijd een bepaalde kwetsbaarheid in.

Hoe geef je vertrouwen in een relatie?
Dat geldt voor de relatie met jouw partner en kinderen, maar ook in de relatie met een leidinggevende of medewerkers. Vertrouwen geven aan de ander heeft niets te maken met: zoek het lekker zelf uit of ze moeten maar bekijken hoe ze het doen. Dat noemen we juist gedrag vanuit de irritatiezone. Vertrouwen geven betekent:
- Ervan overtuigd zijn dat de ander in staat is om de juiste keuzes te maken, ook wanneer die anders zijn dan jij zou willen.
- Ervan overtuigd zijn dat de ander jou op de juiste momenten informeert.
- Ervan overtuigd zijn dat de ander in eigen behoeften kan voorzien.
- Ervan overtuigd zijn dat de ander jouw hulp zelf inroept wanneer het niet lukt.
- De ander de ruimte geven om fouten te maken en daarvan te leren.
- Niet voortdurend controleren of alles overnemen.
- Duidelijke afspraken maken en aanspreekbaar blijven.
Vertrouwen geven betekent dat je de ander als volwaardig behandelt. Dat sluit direct aan op respect voor jezelf en voor anderen. Je erkent dat de ander een eigen proces, eigen verantwoordelijkheid en eigen mogelijkheden heeft.
Wat is het verschil tussen vertrouwen geven en iemand loslaten?
Vertrouwen geven, controleren en iemand laten vallen worden soms met elkaar verward. Toch zijn het drie verschillende houdingen. Het verschil zit vooral in de vraag of je de ander ruimte geeft, verantwoordelijkheid overneemt of jezelf juist onverschillig terugtrekt.
Wanneer controleer je de ander?
Je controleert de ander wanneer je voortdurend navraagt hoe het gaat, beslissingen overneemt, fouten vooraf wilt voorkomen of niet gelooft dat de ander iets zelf kan. Je geeft dan formeel misschien verantwoordelijkheid, maar houdt feitelijk de regie in handen.
Controle kan voortkomen uit angst, maar ook uit afhankelijkheid. Je hebt dan veel bevestiging nodig dat alles goed gaat of maakt jouw rust afhankelijk van het gedrag van de ander.
Wanneer laat je iemand vallen?
Iemand loslaten is niet hetzelfde als zeggen: zoek het maar uit. Ook de houding: wat kan mij het schelen wat ze doen, heeft niets met vertrouwen te maken. Je trekt je dan terug uit irritatie, teleurstelling of onverschilligheid. De ander krijgt wel ruimte, maar geen betrokkenheid, duidelijkheid of beschikbaarheid. Dat is geen vertrouwen geven. Dat is afstand nemen zonder verantwoordelijkheid voor het contact te houden.
Wanneer geef je werkelijk vertrouwen?
Vertrouwen geven betekent loslaten. Loslaten is dus anders dan: zoek het maar uit of wat kan mij het schelen wat ze doen. Loslaten is vooral: geen controle willen hebben over iemand anders of over het leven van de ander. Loslaten betekent ook: iemand anders het proces gunnen. Je blijft beschikbaar wanneer hulp nodig is, maar neemt niet automatisch over. Je maakt afspraken, maar probeert de uitkomst niet volledig te beheersen. Je laat de verantwoordelijkheid bij degene bij wie die hoort.
Wanneer is vertrouwen gezond en wanneer ben je naïef?
Gezond vertrouwen betekent niet dat je signalen negeert of overal blind in meegaat. Vertrouwen en alertheid kunnen naast elkaar bestaan. Je kunt iemand ruimte geven en tegelijkertijd letten op gedrag, afspraken en betrouwbaarheid.
Welke signalen neem je serieus?
Kijk niet alleen naar wat iemand zegt, maar ook naar wat iemand doet. Worden afspraken nagekomen? Wordt relevante informatie gedeeld? Kan iemand verantwoordelijkheid nemen wanneer iets fout gaat? Komen woorden en gedrag met elkaar overeen? Gezond vertrouwen vraagt dat je waarschuwingssignalen serieus neemt zonder direct achterdochtig te worden. Je hoeft niet ieder risico uit te sluiten, maar je hoeft signalen ook niet weg te drukken om te bewijzen dat je iemand vertrouwt.
Wanneer geef je te snel vertrouwen?
Je geeft mogelijk te snel vertrouwen wanneer je iemand nauwelijks kent, herhaald onbetrouwbaar gedrag negeert of verantwoordelijkheid geeft waarvoor onvoldoende basis bestaat. Je kunt ook te goed van vertrouwen zijn wanneer je waarschuwingen zonder onderzoek wegzet of jouw grenzen laat verdwijnen. Te goed van vertrouwen zijn noemen wij naïef. Je bent dan te kwetsbaar of te weinig alert. Vertrouwen houdt rekening met de werkelijkheid. Naïviteit verwacht dat het wel goed komt terwijl signalen iets anders laten zien.
Kun je vertrouwen bijstellen?
Vertrouwen is niet altijd alles of niets. Je kunt iemand op het ene gebied meer vertrouwen geven dan op het andere. Je kunt verantwoordelijkheid uitbreiden wanneer gedrag betrouwbaar blijkt en beperken wanneer afspraken herhaaldelijk niet worden nagekomen. Vertrouwen bijstellen is niet automatisch wantrouwen. Het kan juist betekenen dat je zorgvuldig omgaat met wat je ziet en meemaakt.
Wat gebeurt er wanneer vertrouwen beschadigd raakt?
Is jouw vertrouwen beschadigd? Dat kan door wat je hebt meegemaakt! Ik noem een paar situaties. Misschien zit die van jou er niet bij maar herken je er toch een paar dingen in. Jouw vertrouwen kan beschadigd zijn:
- Omdat mensen misbruik hebben gemaakt van jouw loyaliteit of goedheid.
- Omdat mensen zaken hebben doorverteld die je hen hebt toevertrouwd.
- Omdat mensen zaken anders hebben doorverteld dan het geval was.
- Omdat jouw naam te grabbel is gegooid door anderen.
- Doordat jouw relatie stukliep en jouw partner jouw vertrouwen beschaamde.
- Omdat afspraken niet werden nagekomen en men later misschien zelfs deed alsof die afspraken nooit waren gemaakt.
- Omdat je werd beschuldigd van iets waarvan je zeker weet dat het onterecht was.
- Omdat mensen draaiden, logen en zich ten koste van jou verrijkten of verbeterden.

Misschien ben je daardoor terughoudend geworden en heb je jouw vertrouwen in mensen verloren. Iemand zei: wanneer je de mensen leert kennen, ga je van de beesten houden. Misschien ken je die uitspraak ook wel. Beschadigd vertrouwen kan gevoelens oproepen zoals teleurstelling, apathie, boosheid, gelatenheid en verdriet. Opnieuw vertrouwen betekent niet dat je moet vergeten wat er is gebeurd of direct weer volledige ruimte moet geven. Vertrouwen mag stap voor stap worden opgebouwd. Meer over de emotionele gevolgen en verwerking lees je bij beschadigd vertrouwen.
Wat hebben vertrouwen, angst en wantrouwen met elkaar te maken?
Laat ik mij leiden door vertrouwen in de relatie met de ander of laat ik mij leiden door angst, wantrouwen en achterdocht? Angst kan ervoor zorgen dat je vooral ziet wat er fout zou kunnen gaan. Je gaat meer controleren, zoekt bevestiging of schrijft negatieve bedoelingen toe aan de ander. Wanneer ik zelfvertrouwen heb, zal ik gemakkelijker vertrouwen geven aan een ander. Ik denk dat hier een relatie tussen het een en het ander bestaat. Wat ik zelf heb, kan ik geven en wat ik niet heb, kan ik niet geven. Zelfvertrouwen en vertrouwen in een ander zijn niet precies hetzelfde. Je kunt onzeker zijn over jouw eigen mogelijkheden en iemand anders toch betrouwbaar vinden. Andersom kun je veel vertrouwen hebben in jezelf en toch moeite hebben om anderen ruimte te geven. Zelfvertrouwen kan vertrouwen geven ondersteunen, maar het relationele vertrouwen groeit vooral door ervaringen met de ander. Vertrouwen geven is: bekend zijn met de ander. Je weet wie de ander is, je weet wat de ander kan en wat hij/zij in huis heeft aan kennis en vaardigheden. Daarom kun je loslaten. Die ander kan dingen net zo goed als jij of misschien nog wel beter.
Hoe ontvang je vertrouwen van een ander?
De spreuk is: wat je geeft dat ontvang je. Dus geef je vertrouwen dan krijg je het ook. Maar geef je wantrouwen, angst of achterdocht dan is de kans groot dat je dat ook ontvangt. Jouw houding heeft invloed op het contact, maar vertrouwen geven is geen garantie dat de ander betrouwbaar handelt.
Vertrouwen ontvangen heeft te maken met bekendheid. De ander weet wie je bent, wat je kunt en welke kennis en vaardigheden je in huis hebt. In de volksmond klinkt het: ‘Je weet precies wat je aan hem hebt’ of ‘Je kunt er altijd op aan.’ Dat lukt alleen wanneer jouw gedrag voldoende duidelijk en betrouwbaar is. Vertrouwen ontvangen is een cadeau. De ander ziet jou als serieus en volwaardig. Dat betekent dat de ander jou kan loslaten, wetend:
- Dat jij in staat bent om zelf keuzes te maken.
- Dat jij in staat bent om in eigen behoeften te voorzien.
- Dat jij in staat bent om hulpvragen te stellen als dat nodig is en dat je dat ook zult doen.
- Dat jij afspraken serieus neemt.
- Dat jij relevante informatie deelt.
- Dat jij verantwoordelijkheid neemt wanneer iets fout gaat.

Vertrouwen ontvangen is dus niet alleen iets wat de ander jou geeft. Jouw gedrag kan het vertrouwen ondersteunen, beschadigen of herstellen. Betrouwbaarheid blijkt uit wat je herhaaldelijk doet, niet alleen uit wat je belooft.
Hoe bouw je vertrouwen op in een relatie?
Vertrouwen groeit meestal niet door een eenmalige belofte. Het ontstaat door herhaling, duidelijkheid en gedrag dat past bij wat je zegt. Kleine betrouwbare handelingen kunnen daarin belangrijker zijn dan grote woorden.
Kom je afspraken na?
Doe wat je hebt toegezegd en meld het op tijd wanneer iets niet lukt. Doe later niet alsof een afspraak nooit is gemaakt. Betrouwbaarheid groeit wanneer de ander merkt dat jouw woorden betekenis hebben. Een gemiste afspraak hoeft vertrouwen niet direct te vernietigen. Het ontkennen, verdraaien of voortdurend herhalen ervan maakt de schade meestal groter.
Communiceer je eerlijk en duidelijk?
Spreek uit wat je van elkaar verwacht en deel informatie die de ander nodig heeft. Onduidelijke verwachtingen kunnen leiden tot teleurstelling, controle en verwijten, terwijl nooit duidelijk is afgesproken wat beide personen van elkaar mochten verwachten. Eerlijk communiceren betekent ook dat je onzekerheid mag benoemen. Je hoeft niet te doen alsof je alles weet of beheerst om betrouwbaar over te komen.
Neem je verantwoordelijkheid voor fouten?
Vertrouwen groeit wanneer je een fout kunt erkennen zonder te draaien, ontkennen of de schuld direct bij een ander neer te leggen. Een oprecht excuus helpt, maar zichtbaar ander gedrag is minstens zo belangrijk. Waar mogelijk herstel je de gevolgen van jouw fout. Daarmee laat je zien dat jouw verantwoordelijkheid niet ophoudt bij de woorden: sorry, het was niet zo bedoeld.
Geef je vertrouwen tijd om te groeien?
Vertrouwen groeit door ervaringen waarin blijkt dat iemand betrouwbaar handelt. Woorden alleen zijn onvoldoende. De ander moet kunnen zien dat jouw gedrag stabieler, eerlijker of zorgvuldiger wordt. Na beschadigd vertrouwen mag het herstel stap voor stap gaan. Je hoeft niet vandaag weer volledig te vertrouwen omdat de ander gisteren excuses heeft aangeboden.
Welke rol speelt vertrouwen in communicatie?
Vertrouwen geven en ontvangen is direct te verbinden aan communicatie. Denk aan uitspraken zoals:
- ‘Ik moet nog zien of hij dat kan waarmaken.’
- ‘Waar is hij toch mee bezig? Hij kan wel gek zijn.’
- ‘Dat weet ik niet hoor of me dat wel lukt.’
- ‘Je denkt toch zeker niet dat ik maar zo wat raak doe?’
Deze uitspraken kunnen wantrouwen in de ander, onzekerheid over jezelf, defensiviteit of behoefte aan controle uitdrukken. De toon bepaalt mede of iemand ruimte ervaart of zich vooraf al verdacht, onbekwaam of gecontroleerd voelt. Vertrouwen in communicatie betekent niet dat je kritiekloos bent. Je kunt vragen stellen, twijfels benoemen en afspraken controleren zonder vanuit een veroordelende ouderrol te communiceren. Lees ook over communicatie vanuit de ouderrol.
Wat betekent vertrouwen op het werk?
In leidinggevende functies is het geven van vertrouwen van cruciaal belang. Het speelt een rol bij delegeren en loslaten, coachend leidinggeven en teamontwikkeling. Medewerkers hebben ruimte nodig om verantwoordelijkheid te dragen, maar ook duidelijkheid over taken, bevoegdheden en verwachtingen. Vertrouwen zonder heldere afspraken wordt vaag. Controle zonder vertrouwen belemmert eigenaarschap. Bij delegeren op basis van vertrouwen maakt de leidinggevende duidelijk wat het resultaat moet zijn en geeft de medewerker ruimte om de uitvoering vorm te geven. Gebrek aan vertrouwen kan binnen teams ontstaan door onduidelijkheid, wisselende afspraken, onvoldoende aandacht en onzekerheid over functioneren of toekomst. De gespecialiseerde pagina over vertrouwen binnen teams en organisaties gaat daar verder op in.
Wat hebben vertrouwen en autonomie met elkaar te maken?
Autonomie betekent dat je verantwoordelijkheid laat bij de persoon bij wie die hoort. Je geeft de ander ruimte zonder onverschillig te worden en blijft beschikbaar zonder automatisch te redden of over te nemen. Je hoeft niet alle risico’s uit te sluiten voordat je vertrouwen geeft. Tegelijkertijd hoef je jezelf niet weerloos te maken. Je mag afspraken maken, gedrag beoordelen, grenzen stellen en vertrouwen bijstellen wanneer ervaringen daar aanleiding toe geven. Persoonlijk leiderschap betekent dat je onderzoekt of jouw handelen wordt gestuurd door vertrouwen of door angst en controle. Je hoeft de ander niet te beheersen om betrokken te zijn. Je hoeft hem of haar ook niet te laten vallen om los te kunnen laten. Vertrouwen betekent niet dat je zeker weet dat het goed gaat. Het betekent dat je de ander ruimte geeft zonder jouw gezonde waakzaamheid en grenzen te verliezen.
Coaching gericht op autonomie en persoonlijk leiderschap
Vind je het moeilijk om vertrouwen te geven, controle los te laten of verantwoordelijkheid bij de ander te laten? In coaching gericht op autonomie en persoonlijk leiderschap onderzoek je hoe vertrouwen, angst, grenzen en afhankelijkheid jouw relaties beïnvloeden. Je leert ruimte geven zonder iemand te laten vallen en alert blijven zonder voortdurend vanuit wantrouwen te reageren.
Veelgestelde vragen over vertrouwen
Hieronder vind je antwoorden op vijf veelgestelde vragen over vertrouwen geven, vertrouwen ontvangen, loslaten en beschadigd vertrouwen.
Wat betekent vertrouwen geven?
Vertrouwen geven betekent dat je de ander ruimte geeft om zelf keuzes te maken, verantwoordelijkheid te dragen en hulp te vragen wanneer dat nodig is. Je blijft betrokken zonder alles te controleren of over te nemen.
Wat is het verschil tussen vertrouwen en naïviteit?
Gezond vertrouwen houdt rekening met gedrag, ervaringen en waarschuwingssignalen. Naïviteit ontstaat wanneer je duidelijke risico’s of herhaald onbetrouwbaar gedrag negeert en jezelf daardoor onnodig kwetsbaar maakt.
Hoe ontvang je vertrouwen van een ander?
Je ontvangt vertrouwen wanneer de ander jou als betrouwbaar en verantwoordelijk ziet. Afspraken nakomen, eerlijk informeren, hulp vragen en verantwoordelijkheid nemen voor fouten ondersteunen dat vertrouwen.
Hoe bouw je beschadigd vertrouwen weer op?
Beschadigd vertrouwen wordt meestal stap voor stap hersteld door eerlijkheid, duidelijke afspraken, verantwoordelijkheid voor fouten en herhaald betrouwbaar gedrag. Een excuus alleen is meestal onvoldoende.
Wat hebben vertrouwen en loslaten met elkaar te maken?
Loslaten vanuit vertrouwen betekent dat je de ander een eigen proces en verantwoordelijkheid gunt. Je blijft beschikbaar, maar probeert niet alles te controleren. Iemand laten vallen uit irritatie of onverschilligheid is iets anders.
Verder werken aan autonomie en persoonlijk leiderschap
Wil je leren hoe je vertrouwen geeft zonder naïef te worden en loslaat zonder iemand te laten vallen? In de online training autonomie en persoonlijk leiderschap werk je aan bewuste keuzes, gezonde grenzen en evenwichtige relaties.

Auteur
Dit artikel is geschreven door Jan Stevens. Jan Stevens is eigenaar en oprichter van De Steven training & coaching (www.desteven.nl). Op deze website tref je meer dan 2000 blogs over persoonlijke ontwikkeling, loopbaan, leiderschap, teamontwikkeling, hoogsensitiviteit en hoogbegaafdheid.

Publicatiedatum: 13-05-2014
Update: 24 juli 2026


