Het ongeziene kind
Bij het thema familie van herkomst kijken we naar wat je vroeger hebt meegemaakt en hoe dat vandaag nog doorwerkt. Het ongeziene kind is daar een belangrijk onderdeel van. Hoeveel vraagstukken ontstaan er doordat je je als kind niet werkelijk gezien, gehoord of begrepen hebt gevoeld? Dat kan gevolgen hebben voor je zelfbeeld en zelfvertrouwen, maar ook voor hoe je omgaat met gevoelens, relaties, grenzen en vertrouwen. Soms lijkt er aan de buitenkant weinig aan de hand geweest te zijn, terwijl je vanbinnen leerde dat er voor een belangrijk deel van jou nauwelijks ruimte was.
Niet gezien worden: wat bedoel ik daarmee?
Niet gezien worden is een breed begrip. Het hoeft niet te betekenen dat jouw ouders geen aandacht voor je hadden of niet van je hielden. Je kunt ook ongezien zijn wanneer bepaalde kanten van jou voortdurend werden afgeremd, verkeerd geïnterpreteerd of genegeerd. Misschien werd jouw spontaniteit als druk bestempeld, jouw gevoeligheid als aanstellerij of jouw behoefte aan rust als luiheid. Misschien mocht je verdriet er niet zijn of werd jouw boosheid onmiddellijk de kop ingedrukt. Dan leer je als kind iets over jezelf wat niet noodzakelijk klopt.
Gefatsoeneerd en in het gareel gedrukt
Ik denk aan Karin. Ze is nu 45 jaar. Toen ze binnenkwam, nam ze me van top tot teen op. Ze observeerde mij en wachtte af tot ik het initiatief nam in het gesprek. Ze vertelde dat ze terughoudend was, naar binnen gericht en het moeilijk vond om gevoelens met anderen te delen. Gaandeweg ontdooide ze en zag ik een heel andere Karin. Want van origine is ze helemaal niet zo terughoudend. Ze is spontaan, open, hartelijk en enthousiast.
Thuis kreeg ze vroeger vaak te horen: ‘Doe nu niet zo druk, wees rustig en loop netjes in het gareel.’ Karin leerde haar spontaniteit in de vriezer te zetten. Ze paste zich aan en ging zichzelf uiteindelijk ook zien als iemand die terughoudend was. Haar originaliteit kreeg weinig ruimte. Dat is voor mij een duidelijk voorbeeld van niet gezien worden: je wordt in een vorm gedrukt die eigenlijk niet bij je past.

Een kind gaat zichzelf bekijken door de ogen van anderen
Als kind heb je nog geen volledig ontwikkeld beeld van wie je bent. Je leert jezelf voor een belangrijk deel kennen door de reacties van mensen om je heen. Wanneer je regelmatig hoort dat je lastig, lui, druk, gevoelig of ongemotiveerd bent, kan zo'n oordeel langzaam onderdeel worden van jouw zelfbeeld. Zeker wanneer het komt van een ouder, leerkracht of andere volwassene naar wie je opkijkt.
Dat maakt erkenning zo belangrijk. Een kind heeft iemand nodig die niet alleen corrigeert wat niet goed gaat, maar ook nieuwsgierig is naar wie dat kind werkelijk is. Wat drijft je? Waar word je enthousiast van? Wat vind je moeilijk? Wat voel je? Wat heb je nodig? Zonder die nieuwsgierigheid ontstaat gemakkelijk een beeld van jou dat vooral gebaseerd is op gedrag en verwachtingen van anderen.
De labelwriter
Wout is daar een mooi voorbeeld van. Hij is businesscontroller bij een groot internationaal bedrijf. Een intelligente man, slim en fijnbesnaard. Rond zijn vijftigste schreef hij in gedachten een brief aan zijn vroegere schoolmeester. Die had tijdens een gesprek met zijn ouders gezegd dat Wout lui was en een gebrek aan focus had.
Wout heeft jarenlang geloofd dat gemakzucht en gebrek aan doorzettingsvermogen bij hem hoorden. Hij dacht dat er iets aan hem mankeerde. Pas veel later ontdekte hij dat hij helemaal niet lui was. Ook dat gebrek aan focus bleek anders te liggen. Hij wist niet dat hij nergens belangstelling voor had, maar juist dat er ontzettend veel dingen waren die hem interesseerden. Hij vond kiezen moeilijk omdat er zoveel was wat hem boeide.
Een label kan enorm lang meegaan. Zeker wanneer je als kind nog niet kunt zeggen: misschien heeft deze volwassene het wel verkeerd. Je neemt het oordeel mee en gaat bewijs zoeken dat het klopt. Persoonlijke ontwikkeling kan dan betekenen dat je oude etiketten opnieuw onderzoekt. Is dit werkelijk wie ik ben of ben ik mezelf ooit door de ogen van iemand anders gaan bekijken?
Geen aansluiting vinden
Dan denk ik aan Jacqueline. Ze groeide op in een klein dorp op het platteland en voelde weinig aansluiting op school. In de klas werd regelmatig om haar gelachen. Jacqueline voelde zich anders dan de rest. Ze las graag, trok zich terug met een boek en zonderde zich steeds meer af. Ze werd onzeker, ging tegen school opzien en haar resultaten bleven achter. Tijdens gesprekken op school kregen haar ouders te horen dat ze met moeite de mavo zou kunnen doen. Jacqueline voelde zich dom.
Pas later veranderde het beeld. Ze kreeg een leidinggevende die iets anders in haar zag. Hij stimuleerde haar, gaf haar steeds moeilijkere opdrachten en moedigde haar aan om opnieuw te gaan studeren. Na een lange weg studeerde ze uiteindelijk cum laude af als neerlandicus. De capaciteiten waren er dus wel. Het verschil zat mede in de omgeving: eerst was er weinig herkenning en aansluiting, later kwam er iemand die mogelijkheden zag die zij zelf nauwelijks nog durfde te zien.
Emotioneel ongezien zijn
Je kunt ook emotioneel ongezien opgroeien. Piet vertelde dat hij thuis niet mocht huilen. Dan werd er geroepen: ‘Hou eens op met janken.’ Boosheid mocht er evenmin zijn. Zijn ouders hadden, zoals ik het noem, een doofpot gekocht. Zodra het emotioneel werd, verdween alles daarin.
Dat raakt aan emotionele onbeschikbaarheid. Wanneer gevoelens thuis nauwelijks erkend worden, kun je gaan leren dat je ze beter kunt wegstoppen. Niet omdat je niets voelt, maar omdat er geen ruimte voor lijkt te zijn. Later kan dat zich op verschillende manieren laten zien:
- Moeite om gevoelens te herkennen of onder woorden te brengen.
- Weinig aandacht voor je eigen behoeften.
- Gemakkelijk voorbijgaan aan je eigen grenzen.
- Moeite met emotionele verbinding in relaties.
- Het gevoel dat je niet helemaal jezelf mag zijn.
Een kind past zich aan de omgeving aan. Als verdriet ongemakkelijk is voor papa en mama, leer je misschien om niet te huilen. Als boosheid wordt afgestraft, leer je haar inslikken. Als jouw enthousiasme te veel wordt gevonden, ga je jezelf kleiner maken. Wat vroeger hielp om erbij te blijven horen, kan later precies datgene worden waar je in jouw persoonlijke ontwikkeling tegenaan loopt.
Niet gezien worden is niet altijd hetzelfde als niet geliefd zijn
Dat onderscheid vind ik belangrijk. Ouders kunnen oprecht van hun kind houden en dat kind toch onvoldoende zien. Misschien hadden ze zelf nooit geleerd om over gevoelens te praten. Misschien leefden ze met zorgen, verlies of problemen waardoor er minder ruimte voor jou overbleef. Misschien waren ze ervan overtuigd dat ze je juist hielpen door je te corrigeren en in het gareel te houden.
Dat begrijpen betekent niet dat jouw ervaring daarmee verdwijnt. Je kunt tegelijk zeggen: mijn ouders hielden van mij én ik heb iets gemist. Dat is geen aanklacht, maar een constatering. Misschien miste je erkenning, nieuwsgierigheid, emotionele veiligheid of ruimte om te ontdekken wie je zelf was.
Hoe werkt het ongeziene kind later door?
Wanneer je vroeger weinig erkenning kreeg, kun je die later sterk bij anderen gaan zoeken. Je hebt bevestiging nodig voordat je gelooft dat je iets goed hebt gedaan. Een kritische opmerking kan buitengewoon hard binnenkomen. Misschien pas je je snel aan of probeer je vooral iemand te zijn die anderen prettig vinden. Het tegenovergestelde kan ook: je trekt je terug en laat weinig van jezelf zien omdat je ooit hebt geleerd dat daar toch weinig mee gebeurt.
Dat raakt aan persoonlijke ontwikkeling omdat de vraag verschuift van: waarom zagen zij mij niet? naar: zie ik mezelf vandaag wel? Ken je jouw kwaliteiten? Weet je wat je voelt en nodig hebt? Kun je jouw mening serieus nemen, ook wanneer iemand anders die niet deelt? Kun je ruimte innemen zonder voortdurend te controleren of anderen dat wel goedvinden?
Jezelf opnieuw leren zien
Daar ligt volgens mij een belangrijke stap. Je kunt jouw jeugd niet opnieuw doen en jouw ouders kunnen niet alsnog precies geven wat je toen nodig had. Wel kun je onderzoeken welke beelden je over jezelf bent gaan geloven. Misschien ben je helemaal niet lui, lastig, overdreven gevoelig of te druk. Misschien zijn dat oude conclusies die ooit zijn ontstaan in een omgeving die moeite had om jou te begrijpen.
Jezelf opnieuw zien betekent ook ruimte maken voor wat lange tijd weggestopt was. Misschien mag Karin weer spontaner worden. Wout mag zijn brede belangstelling als kwaliteit gaan zien. Jacqueline ontdekte dat haar mogelijkheden veel groter waren dan ze ooit had gedacht. Piet kan leren dat gevoelens geen probleem zijn dat onmiddellijk in de doofpot moet.
Je familiegeschiedenis kan helpen om patronen te begrijpen
Soms helpt het om breder te kijken naar de omgeving waarin je bent opgegroeid. Wat hadden jouw ouders zelf geleerd over gevoelens? Werden kinderen in jouw familie vooral geacht zich aan te passen? Was presteren belangrijk? Was er ruimte voor verschil? Bij systemisch coachen kun je zulke patronen vanuit de bredere familiecontext onderzoeken. Een familieopstelling kan daarbij een ervaringsgerichte werkvorm zijn.
Het doel daarvan is niet om achter ieder probleem een familiepatroon te zoeken. Het kan wel helpen om beter te begrijpen waar bepaalde manieren van reageren vandaan komen en vervolgens te onderzoeken wat jij vandaag nog wilt meenemen en wat niet meer bij je past.
Van ongezien kind naar een volwassene die zichzelf kent
Het ongeziene kind herinnert ons eraan hoe belangrijk erkenning is. Als kind heb je het nodig dat iemand belangstelling heeft voor wie jij bent, dat jouw gevoelens serieus worden genomen en dat jouw kwaliteiten ruimte krijgen. Wanneer dat onvoldoende gebeurde, kan dat gevolgen hebben voor jouw zelfbeeld en manier van omgaan met anderen.
Maar daar hoeft het verhaal niet te eindigen. Persoonlijke ontwikkeling betekent dat je jezelf steeds beter leert kennen buiten de oude etiketten en verwachtingen om. Wat past werkelijk bij mij? Welke eigenschappen heb ik ooit weggestopt? Welke gevoelens verdienen meer ruimte? En welke overtuigingen over mezelf kloppen eigenlijk helemaal niet? Daarmee kun je niet veranderen wat je vroeger hebt gemist, maar wel voorkomen dat het ongeziene kind jouw hele volwassen leven blijft bepalen.
Zie jij jezelf zoals je werkelijk bent?
Wanneer je je vroeger onvoldoende gezien of gehoord voelde, kun je oude beelden over jezelf blijven meenemen. Misschien heb je geleerd om jezelf kleiner te maken, gevoelens weg te stoppen of voortdurend bevestiging buiten jezelf te zoeken.
Persoonlijke ontwikkeling helpt je om opnieuw te onderzoeken wie je bent, wat je nodig hebt en welke kwaliteiten misschien jarenlang te weinig ruimte hebben gekregen. Niet om jouw jeugd te herschrijven, maar om vandaag minder afhankelijk te worden van de blik waarmee anderen vroeger naar jou keken.
Je kunt niet afdwingen dat anderen jou alsnog volledig zien. Je kunt wel leren om jezelf steeds beter te zien en daar jouw leven meer op af te stemmen.
Auteur
Dit artikel is geschreven door Jan Stevens. Jan Stevens is eigenaar en oprichter van De Steven training & coaching (www.desteven.nl). Op deze website tref je meer dan 2000 blogs over persoonlijke ontwikkeling, loopbaan, leiderschap, teamontwikkeling, hoogsensitiviteit en hoogbegaafdheid.

Publicatiedatum: 17-11-2024
Laatst bijgewerkt: 7 september 2026.


