Vertrouwen is goed, controle is beter: klopt dat?
Vertrouwen is goed, controle is beter. Die uitdrukking is waarschijnlijk zo oud als de wereld. We hebben een tijd gedacht dat we alles moesten meten en dat we alles moesten weten. Ik heb deze pagina onder controleren en bewaken gezet omdat vertrouwen en controle helemaal niet los van elkaar staan. Wie iets controleert, wil weten of afspraken worden nagekomen en verantwoordelijkheid goed wordt ingevuld. Juist daardoor kan vertrouwen ontstaan.

Wat met de uitdrukking vaak bedoeld wordt, is dat je de medewerker beter kunt controleren dan dat je de medewerker de ruimte en de verantwoordelijkheid geeft om de taken naar eigen inzicht uit te voeren. Maar daar zit meteen een misverstand. Controle hoeft helemaal niet te betekenen dat je geen vertrouwen geeft.
Vaak is de uitspraak bovendien een tegenhanger op een ontwikkeling waarbij vrijheid is ontaard in anarchie en waar organisaties zijn vastgelopen in vrijblijvendheid, open eindjes en onduidelijkheden. In dit artikel probeer ik wat misverstanden weg te nemen over deze aloude uitdrukking.
Wat betekent controleren eigenlijk?
Controleren is soms een beladen woord. Maar in feite is het een kwaliteit. Wat gebeurt er wanneer je controleert?
- Je ziet erop toe dat de taken worden uitgevoerd zoals afgesproken.
- Je controleert de voorraden nog even in het magazijn.
- Je checkt of alles klopt volgens planning.
- Je wilt fouten voorkomen en daarom doe je nog een laatste check.
Daar is niks vreemds aan. Wie kwaliteit wil leveren, afspraken maakt of verantwoordelijkheid draagt, zal soms moeten controleren. Dat is iets anders dan overal bovenop zitten of voortdurend zoeken naar wat een ander fout doet.
Waarom zijn vertrouwen en controle geen tegenpolen?
Alsof je moet kiezen: of vertrouwen of controleren. Ik zie dat anders. Vertrouwen ontstaat niet doordat je jouw ogen sluit en maar hoopt dat het goed gaat. Vertrouwen ontstaat doordat je hebt ervaren en geconstateerd dat iemand zijn afspraken nakomt, zijn taken goed uitvoert en zorgvuldig met zijn verantwoordelijkheden en bevoegdheden omgaat.
Daarom kunnen vertrouwen en controle elkaar juist versterken. Wanneer je een paar keer hebt gezien dat iemand de taak goed uitvoert, afspraken nakomt en tijdig terugkoppelt, ontstaat er steeds meer ruimte om los te laten. Niet omdat je ineens besluit om iemand blind te vertrouwen, maar omdat daar een basis voor is ontstaan.
Dat is ook de reden waarom ik weinig kan met de gedachte: geef iemand gewoon vertrouwen tot het tegendeel blijkt. Vertrouwen is niet: kijk maar wat je doet, doe maar wat raak. Het is ook niet: ik neem aan dat hij het wel goed oppakt. Je moet niets aannemen, je moet geconstateerd hebben.
Welke misverstanden bestaan er over vertrouwen en controle?
Toch zijn er nogal wat misverstanden rond de uitdrukking 'vertrouwen is goed, controle is beter'. Het eerste misverstand is dat vertrouwen iets zou zijn wat helemaal losstaat van controle. Vertrouwen is dat je geconstateerd hebt dat een medewerker zijn taak goed uitvoert, zijn verantwoordelijkheden goed invult en op de juiste manier met zijn bevoegdheden omgaat.
Vertrouwen heeft dus niets te maken met:
- Kijk maar wat je doet, doe maar wat raak.
- Je moet iemand maar vertrouwen geven, wat dan zou betekenen: loslaten en je er niet te veel mee bemoeien, tot het tegendeel blijkt.
- Ik mag toch aannemen dat hij of zij het goed oppakt. Je moet niets aannemen, je moet geconstateerd hebben.
Wat ik duidelijk wil maken is dat je ook vertrouwen krijgt door controle. Wanneer je bij herhaaldelijke controle merkt dat het proces goed verloopt, dan is loslaten veel gemakkelijker.
Misvatting over controleren
Ook over controleren bestaan misverstanden. Soms wordt gedacht dat controle van werkzaamheden een gebrek aan vertrouwen in de medewerker is. Dat kan! Zeker wanneer de leidinggevende zich als controlefreak manifesteert. Dan praat ik over overmatig en onnodig controleren. En om bij de slogan te blijven: 'overmatig controleren leidt tot wantrouwen'.
Echter: controleren hoeft niet negatief te zijn. Sterker nog: je kunt er niet geheel zonder. Controles kunnen plaatsvinden op kwaliteit, hygiëne, veiligheid, juistheid van gegevens maar ook op bestuur of correctheid van rapportages en verslaglegging. Een ander misverstand is dat je de verantwoordelijkheden van iemand ontneemt wanneer je controleert. Dat is niet het geval.
Wanneer geeft controle juist meer vertrouwen?
Wanneer controle duidelijk, functioneel en passend is. Stel dat iemand verantwoordelijk is voor een proces waarbij veiligheid een grote rol speelt. Dan is een controle geen belediging voor die medewerker. Het hoort bij de manier waarop je samen waarborgt dat het proces goed verloopt.
Hetzelfde geldt voor kwaliteit. Wanneer twee mensen controleren of een product voldoet aan de norm, zegt dat niet automatisch dat de een de ander wantrouwt. Je bouwt een extra zekerheid in omdat je samen verantwoordelijk bent voor het resultaat. Controle is dan geen afrekening maar een onderdeel van zorgvuldig werken.
Controle kan bovendien onzekerheid verminderen. Wanneer jij als leidinggevende ziet dat een medewerker een taak goed beheerst, hoef je er daarna minder bovenop te zitten. Wanneer de medewerker merkt dat controles eerlijk en voorspelbaar zijn en niet bedoeld zijn om hem voortdurend op fouten te betrappen, hoeft hij ook niet bang te zijn voor iedere check.
Zo kan goede controle uiteindelijk juist leiden tot minder controle. Je weet wat iemand kan. Je hebt gezien dat afspraken worden nagekomen. Je kent de kwaliteit van het werk. Dan ontstaat er vertrouwen op basis van ervaring.
Waarom gaat het uiteindelijk om leiderschap?
De ontstane misverstanden hebben te maken met leidinggeven vanuit het top-downmodel, oftewel vanuit de ouderrol waarbij de medewerker zich betutteld voelde of onzeker werd wanneer hij of zij op fouten werd aangesproken of gecorrigeerd. De toonzetting bij correcties en controles is dus erg belangrijk.
Een controle kan zakelijk en normaal zijn. Maar dezelfde controle kan door jouw toon, houding en manier van vragen veranderen in een verhoor. Daarom gaat het niet alleen om wat je controleert, maar ook om hoe je dat doet. Lees ook mijn artikel over volwassen leiderschap.
Leiderschapsontwikkeling
Goed leidinggeven vraagt dat je duidelijke kaders stelt, verantwoordelijkheid laat waar die hoort en weet wanneer je moet controleren en wanneer je kunt loslaten.
Waarom hoort verantwoorden bij controleerbaar zijn?
Controle kan te maken hebben met verantwoorden. Wanneer je verantwoordelijkheden draagt, moet je je ook kunnen verantwoorden. Wanneer je verantwoordelijkheid neemt, ben je ook aanspreekbaar op jouw verantwoordelijkheid. En als je niks te verbergen hebt, is het ook controleerbaar hoe jij je verantwoordelijkheid hebt ingevuld.
Ik formuleer het nog stelliger: wanneer je je verantwoordelijk voelt, wil je zelf ook nalatigheid, slordigheid, fouten of onvolkomenheden voorkomen. Dus ook hier wil ik graag duidelijk maken dat controle kan bijdragen aan vertrouwen.
Verantwoorden betekent niet dat iemand voortdurend over jouw schouder moet meekijken. Het betekent dat helder is wat je hebt afgesproken, wat jouw verantwoordelijkheid is en dat je daar ook uitleg over kunt geven. Wie verantwoordelijkheid krijgt maar zich nergens over hoeft te verantwoorden, krijgt geen vrijheid maar vrijblijvendheid.
Hoe geef je ruimte zonder dat vrijheid vrijblijvendheid wordt?
Door vrijheid altijd te verbinden aan duidelijke afspraken. Ruimte geven betekent niet dat je zegt: zoek het maar uit en ik hoor het wel wanneer het misgaat. Je maakt duidelijk wat het gewenste resultaat is, welke bevoegdheden iemand heeft, binnen welke kaders iemand mag handelen en wanneer je samen opnieuw naar de voortgang kijkt.
Daarna laat je de medewerker ook werkelijk zijn verantwoordelijkheid nemen. Je hoeft niet iedere stap voor te schrijven. Wanneer iemand precies moet uitvoeren hoe jij het zelf zou doen, geef je nauwelijks verantwoordelijkheid. Dan delegeer je misschien een taak, maar niet de ruimte om die taak zelfstandig in te vullen.
Vrijheid en controle hoeven elkaar daarom evenmin te bestrijden. Goede controle kijkt of gemaakte afspraken, kaders en resultaten worden gerealiseerd. Slechte controle bemoeit zich voortdurend met iedere stap, ieder detail en iedere afwijking van jouw persoonlijke voorkeur.
De kunst is dus niet om controle af te schaffen. De kunst is om controle zo in te richten dat verantwoordelijkheid zichtbaar blijft bij degene die haar draagt.
Waarom is controleren op het werk belangrijk?
Controles op de werkvloer zijn vaak noodzakelijk om fouten te voorkomen, te zorgen dat die kwaliteit wordt geleverd die je beoogt en om te zorgen dat die normen worden behaald die jouw organisatie graag wil behalen.
Controleren heeft dus niets te maken met wantrouwen of met iemand niet vertrouwen. Controleren heeft te maken met het feit dat er meerdere mensen verantwoordelijk zijn voor de kwaliteit waar je voor staat. Bovendien is het een vorm van zelfbescherming. Je staat er niet alleen voor op deze wijze.
Ook al heb je na controle geconstateerd dat een productie voldoet aan de norm, er is nu een collega die dezelfde controle nog een keer doet. Ik kan het ook anders formuleren. Wie te vertrouwen is, laat zich graag controleren. Er is immers niets te verbergen.
Maar ook hier geldt: het doel van de controle moet helder zijn. Een veiligheidscheck is iets anders dan iedere vijf minuten willen weten waar iemand mee bezig is. Een kwaliteitscontrole is iets anders dan steeds opnieuw werk overdoen omdat je vindt dat alleen jouw manier de juiste is. Controle moet ergens toe dienen.
Ontwikkeldoelen rond vertrouwen en controle
- Leren controleren op afspraken, kwaliteit en resultaat zonder verantwoordelijkheid van de ander over te nemen.
- Vertrouwen opbouwen op basis van ervaring, duidelijkheid en geconstateerde betrouwbaarheid.
- Medewerkers ruimte geven binnen heldere kaders zodat vrijheid niet ontaardt in vrijblijvendheid.
Eigenschappenanalyse
Wil je beter zicht krijgen op jouw kwaliteiten, eigenschappen en persoonlijke patronen? Met de eigenschappenanalyse krijg je inzicht in hoe jij onder andere omgaat met verantwoordelijkheid, structuur, grip, ruimte en controle.
E-books
Wil je verder de diepte in? In mijn e-books lees je meer over persoonlijke eigenschappen, kwaliteiten, gedrag en ontwikkeldoelen.
Veelgestelde vragen over vertrouwen en controle
Vertrouwen en controle worden vaak als tegenpolen voorgesteld. Maar goede controle kan juist helpen om vertrouwen op te bouwen, zolang controle niet verandert in betutteling of wantrouwen.
Wat betekent vertrouwen is goed, controle is beter?
De uitspraak suggereert dat je beter kunt controleren dan vertrouwen. Ik zie dat anders. Controle kan juist informatie geven waarop vertrouwen wordt gebouwd. Wanneer je herhaaldelijk constateert dat iemand zijn afspraken nakomt en zijn werk goed doet, ontstaat er een basis om meer los te laten.
Is controleren een teken van wantrouwen?
Nee. Controle kan nodig zijn voor kwaliteit, veiligheid, planning, verslaglegging of het nakomen van afspraken. Het wordt wantrouwend wanneer je overmatig controleert, geen ruimte meer geeft of voortdurend zoekt naar fouten.
Kun je iemand vertrouwen zonder te controleren?
Vertrouwen moet ergens op gebaseerd zijn. Dat kan eerdere ervaring zijn, kennis van iemand of eerdere resultaten. Blind aannemen dat iets wel goed zal gaan noem ik geen vertrouwen. Je moet geconstateerd hebben waarop jouw vertrouwen gebaseerd is.
Waarom kan te veel controle vertrouwen beschadigen?
Omdat de ander dan het gevoel krijgt dat je hem niet bekwaam, verantwoordelijk of betrouwbaar vindt. Wanneer iedere stap wordt gecontroleerd, ontstaat gemakkelijk onzekerheid, afhankelijkheid of irritatie. Overmatig controleren leidt tot wantrouwen.
Hoe combineer je vrijheid, verantwoordelijkheid en controle?
Maak vooraf duidelijke afspraken over taken, resultaten, bevoegdheden en terugkoppeling. Geef daarna voldoende ruimte om de taak zelfstandig uit te voeren en controleer op de afgesproken momenten wat nodig is. Zo blijft verantwoordelijkheid bij de medewerker liggen.
Vertrouwen wordt zichtbaar wanneer je verantwoordelijkheid overdraagt
Het wordt pas echt interessant wanneer jij een taak of verantwoordelijkheid aan een ander overdraagt. Dan moet je beslissen hoeveel ruimte je geeft, welke afspraken je maakt en hoe je voorkomt dat je na het delegeren alsnog voortdurend boven op de ander zit.
Daarom sluit delegeren en vertrouwen hier mooi op aan. Vertrouwen is dan geen mooie gedachte maar iets wat je praktisch vormgeeft in afspraken, verantwoordelijkheid, ondersteuning en loslaten.
Auteur en publicatiegegevens
Dit artikel is geschreven door Jan Stevens. Jan Stevens is eigenaar en oprichter van De Steven training & coaching (www.desteven.nl). Op deze website tref je meer dan 2000 blogs over persoonlijke ontwikkeling, loopbaan, leiderschap, teamontwikkeling, hoogsensitiviteit en hoogbegaafdheid.

Publicatiedatum: 02-07-2017
Update: 14 augustus 2026.


